Bakkers Alfons en Jan Lowie uit Aalst weten het zeker: “Vlaai van Bruegel is de onze”

De Aalstenaars zijn er rotsvast van overtuigd dat de vlaaien die Pieter Bruegel schilderde gebakjes uit onze streek waren. Maar ook in Limburg en Lier zijn ze zeker van hun stuk. Streekproduct.be voerde onderzoek naar de oorsprong van de lekkernijen op het schilderij Nederlandse spreekwoorden en onthulde de resultaten dinsdag in Utopia.

“Die kleur is identiek, en kijk naar die vorm: ja, die vlaai is van ons.” Voor Alfons (73) en Jan (45) Lowie van bakkerij Lowie in de Molenstraat bestaat er geen twijfel over dat de vlaaien die Pieter Bruegel de oude schilderde op zijn meesterwerk Nederlandse spreekwoorden in 1559 Aalsterse exemplaren zijn. Al drie generaties lang, sinds 1946, bakt hun familie Aalsterse vlaaien.

“De basisingrediënten zijn kandijsiroop, suiker, melk, eieren en mastellen”, vertelt Jan Lowie. “Die moeten samen verwerkt worden en nadien afgebakken worden op een bepaalde temperatuur. Ik denk dat ze, als ze het schilderij zouden restaureren, zouden zien dat op de kommetjes vlaaien zelfs bakkerij Lowie staat”, grapt Jan. “Als je de kommetjes ziet en de kleur van de vlaaien, weet je gewoon dat het Aalsterse zijn. Bovendien was Bruegel getrouwd met de dochter van Pieter Coucke uit Aalst. Waar zou hij anders deze lekkernijen leren kennen hebben?”

Lierse korst

Maar ook in Limburg en Lier zijn ze ervan overtuigd dat Bruegel zijn vlaai op die van hun contreien baseerde. Het Vlaams erkenningslabel Streekproduct.be ging naar aanleiding van het Bruegeljaar op zoek naar de ware toedracht en onthulde de resultaten dinsdag in Utopia.JAN LOWIEDERDE GENERATIE (VLAAIEN)BAKKERS“Als je de kommetjes ziet en de kleur van de vlaaien, weet je gewoon dat het Aalsterse zijn”

“De Oost-Vlaamse vlaai leunt het dichtst aan bij de oude recepten doordat ze gebonden wordt met eieren, gedroogde mastellen, beschuiten of peperkoek (let op, een Aalsterse vlaai bevat geen peperkoek, nvdr.) en gezoet wordt met stroop”, zegt projectverantwoordelijke Jo Van Caenegem.

“Deze vlaai heeft echter nooit een korst zoals Bruegel ze afbeeldde. De fijne krokante korst van de Lierse vlaai daarentegen lijkt sterk op die van Bruegel en de oudste versie van het Liers vlaaike zou een donkere gedroogde pruimenvlaai zijn. Die werd in de negentiende eeuw pas verfijnd tot de versie van vandaag met broodkruimels, vierkruidenmengeling, melk en siroop. Ten slotte heeft ook de Limburgse bakkemoezevlaai een link met Bruegel. De vlaai bedekt met een moes van gedroogde peren heeft een bleke korst en kan worden vergeleken met de vlaaien met appelmoes. Bij de bakkemoezevlaai ontbreken echter kruiden en eieren en wordt er een gistdeeg gebruikt, daar was er in de tijd van Bruegel nog geen sprake van”, klinkt het nog.