Zijn Godiva-pralines die in de Verenigde Staten worden geproduceerd, Belgisch?

Amerikaanse consumenten beschuldigen Godiva ervan dat het bedrijf hen misleidt door te suggereren dat hun pralines uit België worden geïmporteerd. Hun actie werd goed ontvangen door een federale rechter.

Het Belgische karakter van Godiva pralines wordt in twijfel getrokken door aandachtige consumenten in de Verenigde Staten. Twee van hen, Adam Buxbaum uit Californië en Steve Hesse uit de staat New York, hebben een collectieve rechtszaak aangespannen tegen Godiva Chocolatier Inc. op grond van het feit dat de chocolademaker, door het etiket “België 1926” op zijn verpakking te gebruiken, de Amerikaanse consument misleidt, aangezien de betrokken chocolaatjes worden vervaardigd in de fabriek die in Reading, Pennsylvania, gevestigd is, en niet in België. De Godiva Groep, die deel uitmaakt van het Turkse conglomeraat Yildiz Holding, exploiteert drie fabrieken, nl. in Brussel, België, Reading, VS, en Istanbul, Turkije. De Belgische fabriek werd een jaar geleden verkocht aan het Koreaanse private-equityfonds MBK Partners, maar blijft voor verder voor het conglomeraat produceren.

Rechter aanvaardt de zaak

Een federale rechter in New York oordeelde afgelopen vrijdag de zaak ontvankelijk. Godiva zal zich dus geconfronteerd zien met een potentiële class action rechtszaak over het gebruik van de woorden “België 1926” op de Amerikaanse verpakking Dit creëert een “plausibele gevolgtrekking” dat de pralines van Europese oorsprong zijn, aldus de rechter. Met andere woorden, het geeft de eisers het recht om hun vordering te vervolgen.

In Amerika associeert men het woord België met een hoge kwaliteit

De argumenten van deze consumenten zijn gebaseerd op de notie van hoge kwaliteit die op het gebied van chocolade wordt geassocieerd met België. Ze geloofden dat het ging om uit België geïmporteerd luxe snoepgoed, waarvoor ze bereid waren een hogere prijs te betalen. Ze vinden dan ook dat ze te veel hebben betaald en eisen een vergoeding voor hun schade.

Zij leggen met name uit dat de boters, crèmes en alcoholen die in de Reading-fabriek inde VS als grondstof worden gebruikt, verschillen van die welke in de Belgische fabriek worden gebruikt. En ze hebben in Melanie Draps, de kleindochter van de oprichter van Godiva, een sterke bondgenoot gevonden. Melanie vertelde de Washington Post dat ze “American Godiva had geprobeerd en vond dat de Amerikaans pralines totaal anders smaakten.”

Enkel verwijzing naar land en jaar van oprichting

Van zijn kant heeft Godiva Chocolatier Inc. sinds het begin van deze zaak in 2019 volgehouden dat de woorden “België 1926” betrekking hebben op het land en het jaar waarin het bedrijf werd opgericht. Dit betekent echter niet dat elk product dat onder dit label wordt gekocht een eeuw later in België wordt geproduceerd. Dankzij het “Belgisch erfgoed” dat het beweert, kan het bekend maken dat het nog steeds de recepten en kwaliteitsnormen toepast die in 1926 werden gedefinieerd, terwijl het vandaag de dag zijn pralines wereldwijd produceert en op de markt brengt.